Een wet van 30 maart 2018 maakt de regeling over de ‘rechtsvordering tot collectief herstel’ die in het Wetboek van Economisch Recht (WER) staat, ook van toepassing op KMO’s.

De ‘vordering tot collectief herstel’ werd al eerder in de Belgische wetgeving ingevoerd, maar bleef beperkt tot het consumentenrecht. Omdat het systeem voor de consumenten de aanbeveling 2013/396/EU volgt, heeft de wetgever zich op dezelfde principes gebaseerd voor de ‘vordering tot collectief herstel’ die wordt ingesteld ten voordele van KMO’s.

Om rekening te houden met de specificiteiten van de KMO’s bracht de wetgever de nodige aanpassingen aan, zoals bv. het feit dat de vordering tot collectief herstel kan worden ingesteld bij de rechtbank van koophandel, terwijl de rechtbank van eerste aanleg op dat vlak bevoegd is voor de consumenten. De groepsvertegenwoordiger die de vordering zal kunnen instellen, verschilt van diegene die dit voorrecht heeft in het consumentenrecht.

Opgelet!

De ‘vordering tot collectief herstel’ voorzien in de wet van 30 maart 2018 kan slechts worden ingesteld voor zover de gemeenschappelijke oorzaak van de collectieve schade zich na 1 september 2014 heeft voorgedaan.

Bron: Wet van 30 maart 2018 houdende wijziging, wat de uitbreiding van het toepassingsgebied van de vordering tot collectief herstel tot KMO‘s betreft, van het Wetboek van economisch recht, BS 22 mei 2018.

Gerelateerde opleidingen

De nieuwe wet komt aan bod tijdens de webinar 'Class Action' op onze Webinar Days.

Dan licht Mr. Ann-Sofie Maertens (Eubelius) deze rechtsvordering nader toe. U kan deze webinar volgen, bij u thuis of op kantoor, op 22.08.2018.