1. Wanneer enkele ondernemers zich wensen te verenigen met het oog op het indienen van een offerte voor een overheidsopdracht, zullen ze als een "combinatie van ondernemers" een offerte indienen.µHet is op dit moment niet nodig om een maatschap op te richten. In dat verband zij eraan herinnerd dat artikel 8 van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten bepaalt dat "[c]ombinaties van ondernemers mogen deelnemen aan overheidsopdrachten. Een aanbesteder kan niet eisen dat zij voor het indienen van een aanvraag tot deelname of een offerte een bepaalde rechtsvorm aannemen".Merk ook op dat de aanbesteder op dat moment – noch in het kader van de redactie van zijn gunningsbeslissing –, zoals dat in de praktijk gebruikelijk is, deze combinatie als een tijdelijke vennootschap (voortaan "maatschap") mag niet kwalificeren. Inderdaad op dat moment gaat het louter om ondernemers die samen een offerte indienen en dus een "combinatie" vormen, en niet om een maatschap.
  2. Indien de opdracht wordt gegund aan de combinatie, zal zij zich, overeenkomstig de nieuwe verplichting zoals hierboven vermeld, bij de KBO dienen in te schrijven, voor de aanvang van haar activiteiten; in de meeste gevallen zal dat gebeuren als maatschap.
  3. Indien de opdracht niet wordt gegund aan de combinatie en zij wenst een beroep in te dienen tegen de gunningsbeslissing van de opdracht, dan moeten de individuele leden van de combinatie van ondernemers het beroep indienen opdat het, zoals in het verleden, ontvankelijk zou zijn.

Volledig artikel en bron: CMS