Grondige bespreking van het arrest van 17 januari 2019 (zie ook hierna).

Naar aanleiding van dit arrest van 17 januari 2019 stelt zich de vraag of het Hof van Justitie zich wel kan verzoenen met de Belgische Antigoon-leer.

Hoewel het Hof van Justitie zich hier uitspreekt over een nationale, wettelijke regeling die voorziet in de bewijsuitsluiting van onrechtmatig verkregen bewijs en niet over een regeling die het gebruik van onrechtmatig verkregen bewijs toch toelaat, blijkt uit dit arrest dat het Hof van Justitie bijzonder veel waarde hecht aan de beginselen van de rechtsstaat en de eerbiediging van de grondrechten gewaarborgd door het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.

Volledig artikel en bron: Vandebergh & Lewandowski advocaten

zie ook:

Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 17 januari 2019

Strafzaak tegen Petar Dzivev e.a.

Verzoek van de Spetsializiran nakazatelen sad om een prejudiciële beslissing

Prejudiciële verwijzing – Belasting over de toegevoegde waarde (btw) – Bescherming van de financiële belangen van de Europese Unie – Artikel 325, lid 1, VWEU – Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen – Strafzaak wegens strafbare feiten ter zake van de btw – Doeltreffendheidsbeginsel – Bewijsvoering – Telefoontaps – Toestemming gegeven door een onbevoegde rechterlijke instantie – Inaanmerkingneming van deze taps als bewijselementen – Nationale regeling – Verbod

Zaak C-310/16

Lees de tekst van het arrest hier