"Het EHRM herhaalde eerst dat het legaliteitsbeginsel in strafzaken o.a. betekent dat niemand kan worden veroordeeld voor het strafrechtelijk handelen van een ander. Op het moment van de feiten bestond er echter in het Italiaans recht geen strafrechtelijke verantwoordelijkheid van de rechtspersoon. Vennootschappen konden m.a.w. geen misdrijf plegen en dus ook niet vertegenwoordigd worden in een strafprocedure. Nochtans werden hun goederen verbeurdverklaard door het gedrag van hun bestuurders. Zodoende werden de vennootschappen gestraft voor andermans daden.
Als gevolg hiervan besloot het EHRM tot een schending van artikel 7 EVRM t.a.v. de vennootschappen, maar niet t.a.v. de bestuurder."

Volledig artikel en bron: Waeterinckx advocaten